Nieuws

Is de NutriScore geschikt voor Nederland?

Nutri score label kaasTijdens de presentatie van het Nationaal Preventieakkoord medio november kondigde staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) aan dat Nederland per 2020 een voedselkeuzelogo krijgt. Mogelijk wordt dat de Franse NutriScore. Maar past dit logo eigenlijk wel bij Nederland, vraagt Annet Roodenburg, Lector Voeding & Gezondheid bij de HAS Hogeschool in Den Bosch zich af?

Twee jaar geleden is het Vinkje, het vorige voedselkeuzelogo afgeschoten. En er is tot nu toe niets voor in de plaats gekomen. De supermarkten verzetten zich inmiddels niet meer tegen een ‘rood’ logo op de verpakking, lieten zij afgelopen donderdag weten in het NRC. Ze vinden het niet langer een probleem dat producten als ongezond gekenmerkt worden. Dat opent de weg voor bijvoorbeeld het Franse NutriScore systeem, dat met stoplichtkleurtjes 1 enkel oordeel (gezonder of minder gezond) over een product geeft.

Waardering NutriScore
De Consumentenbond, altijd al enthousiast over stoplichten op voedingsmiddelen, vond afgelopen voorjaar in consumentenonderzoek dat het NutriScore systeem (zeer) gewaardeerd werd door 62% van de Nederlandse consumenten. Voor de favoriete Engelse stoplichten was dat percentage maar een beetje hoger, namelijk 69%. In het Engelse stoplichtensysteem worden afzonderlijke kleurtjes gegeven voor zout, suiker, (verzadigd) vet. Het is dus ingewikkelder voor consumenten. Die moeten dan nog zelf besluiten wat ze belangrijker vinden: zout, suiker of (verzadigd) vet.

Schijf van Vijf
Net als de staatssecretaris vinden de supermarkten wel dat het voedselkeuzelogo aangepast moet worden op de Nederlandse situatie. De criteria van de Schijf van Vijf moeten erin worden verwerkt. Maar stoplichten houden ze niet meer tegen. Internationaal wordt het Franse systeem ook omarmd: België, Portugal, Spanje allemaal hebben ze aangekondigd dat ze het Franse NutriScore in gaan voeren als voedselkeuzelogo.

Nutriscore geschikt voor Nederland?
Ik was wel benieuwd! Ik ben met een huis-, tuin- en keuken onderzoekje begonnen. De voorraadkast en de koelkast bekeken. De Coca Cola Light, Appelsientje, volle yoghurt, Becel halvarine, kidneybonen in blik, belegen kaas (48+ en 30+), Unox tomatensoep en olijf olie heb ik onderworpen aan een test: passen ze in de Schijf van Vijf en wat is hun ‘NutriScore’?

Het was best nog even een puzzel hoe precies de NutriScore te berekenen. Ik moest er echt even voor gaan zitten. Misschien heb ik er toch nog foutjes in gemaakt (disclaimer!). Om te kijken of ze in de Schijf van Vijf passen, kon ik de producten met de Kiesikgezond? App scannen. Dat was een stuk gemakkelijker.

NutriScore & Schijf van Vijf gezond - HASblog - HAS Hogeschool; Beschrijving: NutriScore & Schijf van Vijf gezond - HASblog - HAS Hogeschool

NutriScore Schijf van Vijf gezond 1024x444

Kidneybonen en sinaasappelsap
De overeenkomsten tussen de NutriScore en de Schijf van Vijf vielen me tegen. Over de kidneybonen zijn de systemen het eens met elkaar. Voor oliën en vetten en 30+ kaas is de NutriScore veel strenger. Terwijl de Unox soep, Coca Cola Light en de volle yoghurt gezonder gevonden worden in Frankrijk, dan hier in Nederland. Meer overeenstemming is er over sinaasappelsap en belegen kaas, beide geen gezonde keuzes. Hoewel… kaas, een E-score? Dit soort verschillen kunnen worden opgelost als de criteria van de Schijf van Vijf verwerkt worden in het voedselkeuzelogo. Dat is best een klus. Maar goed te doen, denk ik. Om te beginnen zou je de Schijf van Vijf producten allemaal een A-score kunnen geven. Daarna begint het echte rekenwerk pas, waarbij stimuleren van productverbetering ook een doel moet zijn van die nieuwe criteria.

Overheid, supermarkten, Consumentenbond, alle neuzen lijken dezelfde kant op te staan. Het verwerken van de Schijf van Vijf criteria moet nog wel gebeuren. En of het nu precies het NutriScore logo wordt, is naar mijn idee minder van belang. Als we straks maar een voedselkeuzelogo hebben waarmee consumenten met 1 oogopslag kunnen zien of het product een gezondere of ongezondere keuze is. Dat kan goed met stoplichtenkleurtjes.

Wat gaan de A-merken doen?
De supermarkten verzetten zich niet meer tegen ‘rood’. Dat geldt voor de eigen huismerk artikelen. Maar zolang zo’n voedselkeuzelogo vrijwillig is, blijft het natuurlijk wel de vraag of ook de fabrikanten van A-merken, zoals Coca Cola, M&M, KitKat, Oreo koekjes, Lays chips, Magnum ijs straks echt een ‘rood’ logo op hun verpakking gaan zetten.

De consument zou daar wel mee geholpen zijn.

Bron: VMT

Een snellere lijn is niet per se efficiënter

efficient produceren onproveZoveel mogelijk produceren tegen een zo hoog mogelijk rendement. Dat is de wens van elke manager. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Een greep naar de snelheidsknop lijkt logisch. Want een snelle lijn betekent meer productie dus meer rendement. Toch?

Een stelling: Een snelle lijn levert rendement op. Zeker. Maar een rustig draaiende, efficiënt ingerichte lijn, levert nog vele malen meer op. Om dat te begrijpen moeten we eerst af van een hardnekkige en diep ingesleten misvatting; namelijk dat de efficiency van een lijn bepaald wordt door de snelheid waarmee hij draait. Snelheid is namelijk slechts één van de vele factoren die van invloed zijn op de efficiëntie van de lijn. Zolang men geen rekening houdt met al die andere factoren die de lijn, op een soms heel onverwachte manier, beïnvloeden, zal die nooit optimaal draaien hoe hoog de snelheidsknop ook staat.

 

Snelheid van een proceslijn

Een voorbeeld: Een kaasproducent produceert 8 verpakkingen met plakjes gesneden kaas in een van 150 gram in een werktuig . De maximale machinecapaciteit is 10 slagen per minuut. Even snel uitgerekend betekent dat dat de producent 720 kilogram per uur kan produceren.

Normaal gesproken staan er vier mensen aan de lijn. Maar door de toegenomen snelheid van de lijn ontstaat er een probleem bij het inpakken. De inpakster houdt het allemaal nét niet bij, en er moet hulp ingeroepen worden. Gevolg is dat er twee mensen nodig zijn aan de inpaklijn. Dat maakt vijf mensen in totaal op de hele lijn. Verdeel het aantal kilogram door het aantal mensen aan de lijn, en je komt op een productie van 144 kg per man per uur.

Laten we het nu eens op een andere manier aanpakken: We nemen dezelfde machine met dezelfde hoeveelheid kaas. Maar dit keer zetten we de machine op 9 takten per minuut. In de praktijk betekent dit dat de machine in totaal 9 takten x 8 verpakkingen van 150 gram produceert. De producent produceert dan dus 648 kilogram kaas per uur. Inderdaad. Minder dan de hoeveelheid in het bovenstaande voorbeeld.

Doordat de snelheid echter is afgenomen, kan de inpakster het allemaal prima alleen handelen, waardoor er uiteindelijk maar vier man op de lijn nodig zijn. Deel die 648 kg per uur door de vier man, en je komt op een totale hoeveelheid van 162 kg per man per uur. Door de machine langzamer te laten draaien, winnen we dus 18 kg de man per uur.

Totaal inzicht in productielijn

De voorbeelden geven aan dat efficientie niet in de snelheid zit, maar in het totale inzicht in de lijn. Een goede analyse van de productielijn, het inzichtelijk maken van het rendement, het analyseren van eventuele hick-ups en het maken van een risico-inventarisatie zijn allemaal onderdelen die met elkaar het rendement overall flink kunnen verbeteren. Hierbij is het belangrijk rekening  te houden met elke zaak die van invloed is op het functioneren van de productielijn bijvoorbeeld:

- juist geinstrueerde mensen aan de lijn

- ombouwsnelheid

- de schoonmaakmethode die wordt gebruikt

- de ruimte om een lijn

- de planning

- het tijdig aanleveren van de juiste grond- en hulpstoffen aan de lijn

- de kwaliteit van de communicatie tussen je medewerkers op verschillende niveaus

De laatste is een van de belangrijkste aspecten voor een efficiente productielijn.

Goede communicatie

Zo is het bijvoorbeeld erg belangrijk dat de informatie vanaf de werkvloer, goed aankomt bij de leidinggevende. Door de communicatielijnen zo open mogelijk te houden, is de leidinggevende snel op de hoogte van een eventueel probleem, en kan men zo snel mogelijk ingrijpen.

Teambordstructuur

Om de communicatie tussen de medewerkers zo helder en gestructureerd mogelijk te laten verlopen, is een teambordstructuur een optie. Deze structuur bestaat uit drie onderdelen, die ingezet worden op de verschillende niveaus.De teambordstructuur fungeert als kapstok om doelstellingen binnen het bedrijf helder te krijgen en noodzakelijke acties uit te voeren. Dus geen tijdrovende emotionele discussies of schuldvragen meer, maar een heldere en duidelijke probleemanalyse met daaraan gekoppelde acties en verantwoordelijkheden.

Hartslagbord

Om het dagelijkse Dagbordoverleg binnen de productie-afdeling te voorzien van de juiste informatie word er gewerkt met een Hartslagbord. Dit Hartslagbord is voor iedereen op elk moment toegankelijk. Hierop worden eventuele afwijkingen van de Key performance indicator (KPI )direct vastgelegd. Zo mogelijk vermeldt de verantwoordelijke voor de lijn een directe actie om het probleem zo spoedig mogelijk op te lossen. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt het probleem gemeld bij de andere afdelingen. Door een gerichte omschrijving van de verstoring en direct daaraan gekoppelde actiepunten, wordt een probleem al vanaf de wortel aangepakt. Problemen die niet door de lijn kunnen worden opgelost worden geëscaleerd naar het dagelijkse teambord.

Dagbordoverleg

Het dagelijks dagbordoverleg functioneert als de kransslagader binnen een bedrijf. Door een eenvoudige en tactische analyse op verschillende operationeel niveaus worden de processen dagelijks, wekelijks en maandelijks intensief gemonitord. Dit geeft inzicht in de KPI’s en worden eventuele problemen wat betreft veiligheid, kwaliteit en performance direct blootgelegd.

Training leantools

Naast het inzetten van teamborden, is het verstandig de medewerkers zo goed mogelijk te trainen in de zogenaamde  leantools. Een voorbeeld van zo’n training is de Yellow Belt, speciaal gemaakt voor de operator. Tijdens deze training leert hij zelf  een probleemanalyse te doen en met verbetervoorstellen te komen.  Een grondige aanpak van de hele productielijn is dus nodig om het continue verbeterproces te kunnen blijven waarborgen. Wanneer een van de elementen niet meegenomen wordt in het proces, blijven ze een hick-up vormen naar het doel dat wordt nagestreeft; namelijk een zo efficient mogelijke lijn met een zo groot mogelijk rendement.

Auteur: Marc van Amersfoort is directeur bij Onprove.

'Clean label wordt steeds belangrijker’

Clean LAbel 2Uit onderzoek van BENEO blijkt dat consumenten meer aandacht besteden aan de ingrediënten die in een product zitten dan aan de beschrijving van het product of het merk.

Consumenten willen gezondere keuzes maken en dit toont aan hoe belangrijk het is om gebruik te maken van clean labeling.

Het onderzoek is gedaan in het Verenigd koninkrijk, Duitsland en de Verenigde staten. Er hebben in totaal 3000 consumenten meegedaan.

Ingrediënten 

Het lijkt erop dat er meer vrouwen zijn die de voorkeur hebben om de ingrediënten op de verpakking te lezen, dan het product te kopen op merknaam. Al blijkt uit het resultaat dat ook mannen de ingrediënten belangrijker vinden dan het merk.

In totaal kijkt 51% van alle mensen uit de drie landen naar ingrediënten op de verpakking. 56% in Amerika, 51% in het Verenigd Koninkrijk en 47% in Duitsland. (53% vrouw, 49% man).

45% van de respondenten kijkt naar het merk:  51% in Amerika,  43% in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland (48% man, 43% vrouw).49% kijkt naar de productbeschrijving:  51% in het Verenigd Koninkrijk, 49% in Duitsland en 46% in Amerika. (50% vrouw, 47% man).

GMO

De consumenten is gevraagd wat ze verwachten van een natuurlijk product. 

Hierbij liet 59%  weten dat ze verwachten dat een natuurlijk product gezond is. (54% Duitsland, 60% het Verenigd Koninkrijk en 63% Amerika).

53% van alle consumenten verwacht dat het product niet genetisch gemodificeerd is. (50% het Verenigd Koninkrijk, 50% Amerika en 60% Duitsland).

50% gaf aan dat het product van goede kwaliteit moet zijn (46% Duitsland, 53% Verenigd Koninkrijk en 52% Amerika). Wat de consumenten hiermee bedoelen, wordt niet verteld.

Clean label

Omdat clean label zo belangrijk blijkt bij ongeveer de helft van de ondervraagde mensen, zijn er een paar testen gedaan met tomatensaus. Het meest populair was het label ‘gemaakt met natuurlijke ingrediënten’. 56% zei dat het duidelijk te zien was dat het product natuurlijk is. 

De consumenten kregen ook nog drie andere verpakkingen te zien. één met gemodificeerd maiszetmeel, één met rijstzetmeel en één met E nummers. 73% koos voor de verpakking met rijstzetmeel, 19% die met maiszetmeel en 8% voor het product met E nummers. 

Uit de hierboven genoemde cijfers blijkt dat mensen een natuurlijk product associëren met ‘geen kunstmatige toevoegingen.’ En dat de consumenten zoeken naar duidelijke en relevante teksten op verpakkingen.

Bron VMT

Tekort technici in de voedingsindustrie blijft fors

 

ROVC Bijna vijftig procent van de voedingsbedrijven verwacht een tekort aan technici de komende vijf jaar, zo blijkt uit onderzoek van technisch dienstverlener ROVC. Bij alle technische bedrijven ligt dit percentage op ongeveer 80%.

De laatste vijf jaar heeft een kwart van de organisaties een kwalitatief tekort ervaren (24%), 11% alleen een kwantitatief tekort, 38% heeft met beiden vormen van tekorten te maken gehad.

John Huizing, directeur van ROVC: “Er zijn verschillende oorzaken voor het tekort aan technici. Kijkend naar het kwalitatieve tekort is dat bijvoorbeeld een kennisgebrek door technologische vernieuwing. Een groot deel van het technische werk vindt plaats achter de computer of met machines. Technici die al langer in het vak zitten zijn een totaal andere werkwijze gewend en hebben niet de passende vaardigheden voor deze ontwikkeling. Dit geldt echter niet alleen voor oudere medewerkers. Het reguliere onderwijs sluit slecht aan op de praktijk, waardoor technisch personeel niet goed voorbereid is op de werkzaamheden. Schoolverlaters beschikken niet over de kennis en kunde die het werk vereist”.

Voedingsindustrie

In de voedselindustrie wordt een tekort verwacht van 47%. 7% van de voedingsbedrijven verwacht een kwantitatief tekort, 19% een kwalitatief tekort en 47% verwacht beide. De belangrijkste oorzaken van het tekort aan technici zijn kennisgebrek, een slecht imago in de technische branche, een slechte aansluiting van regulier onderwijs op het bedrijfsleven, vergijzing en weinig doorstoom binnen een organisatie.

Stress op werkvloer

De gevolgen van een tekort aan technici op de werkvloer zijn: drukte en stress op de werkvloer, hogere lonen voor technici en een stagnerende groei.           Ook geeft een groot deel aan (86%) dat het tekort een negatief effect heeft of zal hebben bij alle technische organisaties. Bedrijven moeten nieuwe manieren gaan vinden om technici aan te trekken bijvoorbeeld door ze zelf op te leiden, zo meldt het ROVC in het rapport.

Bron VMT

Consumentenbond dringt aan op alternatief Vinkje: ‘Consument gebaat bij voedselkeuzelogo’

VoedselkeuzelgogVanaf 19 oktober mogen fabrikanten het Vinkje niet meer gebruiken. Het voedselkeuzelogo wordt als misleidend gezien en de Consumentenbond is blij dat het verdwijnt. Wel wil de bond dat er een een alternatief voedselkeuzelogo komt. Uit hun onderzoekt blijkt namelijk dat consumenten behoefte hebben aan een logo dat gezonde keuzes makkelijker maakt. De Consumentenbond denkt aan de Franse Nutri-Score of het Britse stoplichtensysteem.

Tijdens het onderzoek kregen 1600 consumenten  vier keer twee ontbijtgranen om uit te kiezen. Op het oog dezelfde producten maar de één is volgens de 

Consumentenbond gezonder dan de ander. Hierbij werden de vragen gesteld welk product de consument zou kiezen en welk product hem gezonder leek. Consumenten bleken vaker het gezondere product te kiezen als er een gezondheidslogo op stond.

Meer dan de helft voor een voedselkeuzelogo

Bij dit onderzoek werkte de Consumentenbond met twee logo’s: Het Franse Nutri-Score en het Britse Verkeerslichtlogo. Bij sommige vergelijkingen kregen de respondenten de bijbehorende logo’s te zien. Bij alle vergelijkingen was één van de varianten gezonder dan de ander.

62% van de consumenten geeft aan makkelijker een keuze te maken als er voedselkeuzelogo’s op producten staan.  Deze resultaten zijn in lijn met eerder onderzoek van de Consumentenbond. Hierbij kregen consumenten algemene informatie over drie bestaande voedselkeuzelogo’s voorgelegd in combinatie met fictieve voorbeelden van yoghurtverpakkingen.

Verder was 74% het eens met de stelling: ‘Het is een goede zaak als er voedselkeuzelogo’s op ontbijtgranen worden vermeld.’

 43% was het eens met de stelling: ‘Ik vind het moeilijk om te vergelijken hoe gezond verschillende ontbijtgranen zijn.’

In één oogopslag zichtbaar of een product gezond is

Op basis van dit onderzoek concludeert de Consumentenbond  dat er  draagvlak is onder consumenten voor een voedselkeuzelogo. 

Bart Combée, directeur Consumentenbond: “Hoe gezond een product is, is in één oogopslag zichtbaar als er een logo met verkeerslichtkleuren op de voorkant van de verpakking staat. Een voortvarende aanpak door het ministerie van Volksgezondheid is vereist om nu écht te komen tot een evenwichtig, onafhankelijk en begrijpelijk voedselkeuzelogo”.

Bron VMT