Nieuws

Amerika's grootste levensmiddelenfabrikanten willen progressief voedingsbeleid

SFPA

Vier van de ‘s werelds grootste levensmiddelenproducenten in Amerika vormen een nieuw bondgenootschap om samen een progressief voedingsbeleid te realiseren: The Sustainable Food Policy Alliance (SFPA), zo meldt de Washington Post op (12 juli 2018). 

Danone, Mars, Nestle en Unilever verlieten in 2017 de Grocery Manufacturers Association (GMA) vanwege hoogoplopende meningsverschillen over belangrijke beleidsissues over hoe (snel) in te spelen op veranderende consumentenwensen zoals gezonde (o.a. tegengaan obesitas) en transparante (herkomst/biologisch/gmo labelling) voedingsmiddelen en hoge contributies   "We geloven echt dat consumenten dit willen, en ze stemmen bij elke aankoop", zegt Mariano Lozano, de chief executive van Danone North America. "We bereiken een moment waarop zakelijke verantwoordelijkheden en maatschappelijke verantwoordelijkheden samenkomen," voegde hij eraan toe.

Labeling en CO2 uitstoot

De alliantie geeft aan zich vooral te richten op vijf beleidsgebieden: Transparantie naar de consument toe; milieu; voedselveiligheid; gezondheid en werknemers in de voedingssector. De eerste twee onderwerpen waarop de SFPA zich bij de lancering op gaan richten zijn labeling van producten en CO2-uitstoot. Zo gaan zij zich inzetten voor beter wetenschappelijk onderbouwde gezondheidsclaims op verpakkingen. Hiermee wil de alliantie bereiken dat consumenten gezondere keuzes gaan maken voor hunzelf en familie. Daarnaast gaan zij zich inzetten voor milieu beschermende maatregelen zoals in het Parijs Klimaat Overeenkomst.

Positieve impact

“De Sustainable Food Policy Alliance is gebaseerd op het principe dat levensmiddelenproducenten meer kunnen en moeten doen voor een positieve impact op de consument, de mensen die onze producten leveren en de planeet waarop we allemaal vertrouwen. Als een alliantie willen wij het goede voorbeeld geven. Elk lidbedrijf van de alliantie heeft zich onafhankelijk bereid verklaard om te pleiten voor de langetermijnbelangen van de mensen die onze grondstoffen produceren en leveren, en van mensen die onze producten maken en consumeren,” zo stelt de SFPA.

Bron:VMT

Nieuwe directeur Stichting PAVO

IMG 20180809 WA0004Onlangs heeft Peter Santegoeds te kennen gegeven dat zijn taken als directeur van Stichting PAVO niet langer kan combineren met zijn werkzaamheden binnen zijn eigen bedrijf Bodel.

Wij zijn verheugd dat we kunnen mededelen dat Peter Both, bestuurslid van Stichting PAVO, de functie van directeur per 1 augustus heeft aanvaard.

Peter Both zit al jaren in het bestuur van de Stichting PAVO en heeft als o.a. uitgever van het vakblad VMT, ruime ervaring in de Food branche.

Peter Santegoeds blijft nauw betrokken bij de Stichting PAVO en zal de vrijgekomen bestuursfunctie van Peter Both overnemen.

Namens de andere bestuursleden dankt Dennis van der Kroon, voorzitter van de Stichting PAVO,  beide Peters voor hun inzet en wenst hun veel succes in hun nieuwe functie.

Britse levensmiddelenindustrie voelt gevolgen Brexit

Meer dan de helft van de bedrijven in de Britse levensmiddelenindustrie heeft last van stijgende kosten aan grondstoffen, verpakkingen en energie. Dit blijkt uit de ‘Quarterly business confidence survey’ van de Food and Drink Federation (FDF). De gevolgen van de Brexit zullen volgens de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) ook in Nederland voelbaar worden. 

De stijgende kosten lijken een gevolg van de Brexit. De voedingsbedrijven geven wel aan dat naast grondstofkosten en wisselkoersvolatiliteit, de Britse relatie met de Europese Unie (EU) na de Brexit en transitieovereenkomsten de drie belangrijkste zorgen zijn die door de industrie werden aangegeven.

Volgens verschillende media is de kans op een No-deal Brexit, waarmee bedoeld wordt dat het Verenigd Koninkrijk zonder handelsverdragen de EU verlaat, erg gestegen. Zo waarschuwde Minister Internationale handel Liam Fox dat de kans is gestegen naar zo’n 60 procent .

Dit hangt volgens FDF directeur Ian Wright als een donkere wolk boven het hoofd van ondernemers. “Dit hoeft geen verrassing te zijn: er zijn zoveel belangrijke vragen waar bedrijven mee zitten. Nu moet de overheid beginnen met het verschaffen van de duidelijkheid die nodig is om door onbekende wateren te navigeren terwijl we ons voorbereiden op onze toekomst buiten de EU.”

Ondanks dit geeft meer dan de helft van de respondenten  aan dat de verkoopcijfers gestegen zijn en dat zij plannen hebben om nieuwe investeringen te doen en nieuwe producten te lanceren.“Ondanks alles blijven ondernemers veerkrachtig. Het is bemoedigend om te zien hoeveel ondernemers er investeringsplannen hebben,” aldus Wright.

Gevolgen Nederland

Volgens Murk Boerstra, adjunct-directeur FNLI, onderstreept de zorgen van de ondernemers in de VK, maar ziet daarnaast ook grote gevolgen voor de Nederlandse industrie. "Als het onderhandelaars niet lukt een Brexit-deal te sluiten, wordt het slechtste scenario werkelijkheid. Dit zou zeer slecht nieuws zijn voor de Nederlandse agrofoodsector die jaarlijks voor enkele miljarden naar het VK exporteert, maar uiteindelijk nog slechter nieuws voor de Britse industrie, de Britse boeren en de Britse consument," aldus Boerstra.

Bron:VMT

Digitale assets zijn een cruciaal aspect van industrie 4.0’

 

big data slider A1100x825

Digitale transformatie van een bedrijf moet niet worden gedreven door de wens om de laatste technologie te hebben, maar om de efficiëntie en performance te verbeteren. Dit stelt analyseburo Bureau Veritas in een whitepaper The digital asset across industries.

Niet alle assets hoeven worden te gedigitaliseerd, er moet een economische reden voor zijn. Een plan voor een digitale transformatie moet deze evolutie in ogenschouw nemen.  Net als bij fysieke assets vereist een succesvolle transitie voldoende resources zoals mensen, processen, data en systemen, aldus de opstellers van het document.

Het is essentieel om de vocabulaire over digitale assets te standaardiseren. Volgens Veritas kunnen ketenpartners alleen dan de issues zonder misverstanden bespreken. In het document is een lijst met definities opgenomen voor veelgebruikte termen zoals AI, asset en IoT. Zo worden ook digitale assets uitgebreid omschreven.

Een digitale asset bestaat uit een dynamische set van informatie benodigd om een asset (een persoon of een voorwerp bijvoorbeeld een machine die van waarde is voor een bedrijf) te ondersteunen en de businessperformance te verbeteren. Vier onderdelen zijn daarvoor nodig: data (om de asset te kunnen omschrijven), visualisatie (van de data), toepassing (wat te doen met de data) en samenwerking (managen van toegang en uitruil van data).

Deze vier onderdelen kunnen in oplopende mate van ontwikkeling worden gecategoriseerd:                                                                                                  - Data kan ongestructureerd zijn tot continu gemonitord en gestructureerd                                                                                                                          - Visualisatie kan variëren van 1D tot 3D en CAD-tekeningen                                                                                                                                              - De toepassing – wat te doen met de data- kan variëren van simpele calculaties tot geavanceerde technieken (voorspellend, AI en analytisch)                          - Samenwerking kan zijn: alleen medewerkers kunnen de data lezen of de data wordt gedeeld via notificaties of interoperabel: via interfaces tussen samenwerkingspartners

In de whitepaper worden een paar voorbeelden gegeven van de volwassenheid van digitale assets van verschillende bedrijven van basic tot geavanceerd: Een bedrijf met 2D-tekeningen in pdf van de apparatuur, documenten die op lokale servers zijn opgeslagen en inspecties die gedaan worden zoals de regelgeving vereist tot een bedrijf waar de machines sensoren hebben, waar een CAD-model van de machines aanwezig is en waar risico-analyses worden uitgevoerd volgens de eindige elementenmethode.

Bureau Veritas concludeert dat bedrijven moet zorgvuldig een strategie opstellen die past bij de fase waarin ze zitten. Simpelweg de laatste technologieën implementeren is niet het antwoord. De digitale revolutie en het concept van een digitale asset zorgt voor een reeks aan mogelijkheden en uitdagingen. Door deze goed te bespreken kan een effectieve strategie worden ontwikkeld.

bron VMT

 

Voedingsindustrie herstelt zich verder in 2018

De groei in de voedingsindustrie herstelde zich in 2017, naar verwachting zal deze groei zich in 2018 doorzetten. Voor 2018 verwacht ING een groei van drie procent, in 2019 zal het groeiniveau dalen tot ongeveer twee procent. 

Het herstel in de voedingsindustrie zette zich in in de tweede helft van 2017 en werd veroorzaakt door de groei van consumentenbestedingen. Na een daling van één procent in het eerste halfjaar jaar groeiden de bestedingen in het tweede halfjaar met bijna drie procent. Deze ontwikkeling lijkt verder te gaan in 2018 met een groei in het eerste kwartaal van bijna vijf procent ten opzichte van het voorgaande jaar. De productiegroei komt naar verwachting uit op drie procent in 2018, in 2019 wordt deze geschat op twee procent. Reden voor de lagere groei is onder andere de sterk gestegen olieprijs.


Zuivelproductie blijft op peil

Dankzij een toename van de productie per koe bleef de daling van de melkaanvoer in 2017 beperkt tot 0,2 procent, ondanks de inkrimping van de melkveestapel. In het eerste kwartaal van 2018 daalde de zuivelproductie met 1,2 procent, als gevolg van het ingaan van het fosfaatrechtenstelsel in januari en de kou in februari en maart. Naar verwachting zal de productie in 2018 en 2019 stabiliseren en weer terugkomen op de niveaus van 2016 en 2017.


Groei vleesproductie

Door een hoog aantal afgevoerde koeien steeg in 2017 de productie in de vleesverwerkende industrie met zes procent (in geslacht gewicht). Bij varkens bleef de productie vrijwel gelijk, bij vleeskuikens lag deze iets lager dan het jaar ervoor. In 2018 steeg de vleesproductie van zowel varkens als vleeskuikens in de eerste twee maanden met acht procent, waar die van runderen met bijna één procent daalde. Vanwege de stijgende vraag naar vlees vanuit het buitenland wordt een groei van de vleesproductie verwacht voor de rest van 2018 en 2019.


Exportwaarde foodproducten groeit

Vorig jaar steeg de exportwaarde van Nederlandse agri- en food producten naar andere EU-landen met vijf procent, in de eerste twee maanden van 2018 steeg deze met 2,5 procent. Door de onzekerheid omtrent de Brexit daalden de exportvolumes naar het Verenigd Koninkrijk. De uitvoer in euro’s van Nederlandse producten naar VK bleef echter gelijk aan 2016, met in januari en februari van dit jaar zelfs een groei van 2,5 procent.


Voedingsindustrie profiteert

De exporterende voedingsindustrie kon goed profiteren van de economische groei van de eurozone. In 2017 nam de buitenlandse omzet toe met acht procent, de binnenlandse omzet met één procent. De lage werkeloosheid en de gunstige trend in de consumptieve bestedingen (in zowel binnen- als buitenland) waren positief voor de retail en de horeca. Voor 2019 staat de koopkrachtverbetering meer onder druk, waardoor de voedingsindustrie naar verwachting minder zal groeien. Bron VMT